Hohe Messe by J.S. Bach, BWV 232, Wouter Olthuis

Confiteor

door

Het gerecht in de vorige bijdrage, het Credo, kwam tot stand door op gezette tijden het thema toe te voegen, tot 7 maal toe, en daar dan een smakelijke continuo bij te serveren. Dat zal ongetwijfeld tot een succes hebben geleid. Het nu te bereiden gerecht, een heerlijke Confiteor, is iets moeilijker. Als u echter nauwgezet het hieronder beschreven recept volgt, dan zal dat tot een ongeëvenaarde smaaksensatie leiden.

Allereerst het lijstje met de benodigde ingrediënten:

  • Een flinke handvol Confiteor fuga-thema’s, uiteindelijk heeft u er ruim 20 nodig en voor de smaak maakt het niet uit of er wat gekneusde exemplaren bij zitten.
  • Vervolgens -en dat maakt het zoveel rijker dan het eerdergenoemde Credo-gerecht- nog meer fuga-thema’s, maar dan de verse In remissionem variant. Ook weer een flinke handvol, zo’n 20 stuks. Als het staartje eraf is, is dat geen enkel bezwaar.
  • Hopelijk heeft u achterin uw voorraadkast nog wat Gregoriaanse intonaties liggen, want daarvan hebben we er ook een paar nodig, zowel de originele Confiteor, als de verbrede variant.
Confiteor themas
Als smaakmaker een plaatje van de belangrijkste ingrediënten van het Confiteor: boven een vers Confiteor fuga-thema, linksonder de kop van het In remissionem thema en rechtsonder een stukje belegen Gregoriaanse intonatie.

De bereiding

Zet eerst de continuo aan en verwarm vervolgens 5 Confiteor thema’s één voor één in de eerste 7 maten. Laat ze even mooi bruinen en voeg dan pas de In remissionem thema’s toe, ook één voor één vanaf maat 16 en voeg de vijfde toe in maat 24.

Als ook deze zijn aangegaard mag u beide thema’s vanaf maat 31 voorzichtig door elkaar roeren en de resterende thema's toevoegen. Tot uw verrassing zult u bemerken hoe goed beide thema’s samengaan in kleur en smaak: de baptisma van het Confiteor thema haalt de scherpe kantjes van het peccatorum van de In remissionems.

Voor de stevigheid van het gerecht verdient het aanbeveling wat orgelpunt toe te voegen in maat 69. Niet te veel, tot maat 73 is voldoende, anders wordt het stroperig. Vanaf diezelfde maat kunt u de Gregoriaanse intonatie toevoegen, eerst twee stuks vlak na elkaar voor een harmonisch geheel. Pas aan het einde, zo vanaf maat 92 topt u het gerecht af met de verbrede Gregoriaanse intonatie, wel blijven roeren tot het eind.

Direct opdienen en genieten: eet smakelijk!